vorige - 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100 101 102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 112 113 114 115 116 117 118 119 120 121 122 123 124 125 126 127 128 129 130 131 132 133 134 135 136 137 138 139 140 141 142 143 144 145 146 147 148 149 150 151 152 153 [overzicht] - volgende

16/03/2008 - Nieuw huisvuilreglement moet aangepast worden !

Een kleine 10 jaar geleden voerde Affligem een nieuw huisvuilbeleid in. In ruil voor een vast bedrag (de belasting dus) kreeg ieder gezin een aantal stickers die op de zakken voor restafval geplakt moesten worden. De bedoeling daarvan was om iedereen er toe aan te zetten om zoveel mogelijk te sorteren. Gesorteerd afval kost immers veel minder aan de gemeentelijke kas dan restafval. Het gevolg is dat iemand die minder of niet sorteert meer stickers nodig heeft dan hij/zij gekregen heeft en er dus moet bijkopen. Kortom: het principe van “de vervuiler betaalt”.

Recent paste de nieuwe meerderheid dit huisvuilreglement aan, waardoor het grof huisvuil (of “groot vuil”) niet meer gratis opgehaald wordt. Het ophalen van grof huisvuil moet je nu “bestellen” op het gemeentehuis en je moet het per kubieke meter betalen.

Tim t’ Kint, nu oppositieraadslid voor Leefbaar Affligem maar destijds één van de bedenkers van het systeem met de stickers gaat volgende gemeenteraad proberen om die aanpassing bij te sturen.

“Dat je het ophalen van groot vuil moet betalen, dat kan ik nog begrijpen,” zegt Tim t’ Kint, “maar er klopt iets niet met dit nieuwe systeem. Het nieuwe reglement zegt immers dat de betaling voor dat grof huisvuil met een overschrijving betaald moet worden. Met je stickers, die overigens wel een geldig betaalmiddel zijn op het containerpark, kan je dus niét betalen voor je groot vuil.
Dat betekent dat degenen die heel goed hun vuil sorteren en dus ook veel stickers overhebben gewoon met hun stickers blijven zitten, terwijl het net dié mensen zijn die de kosten van de huisvuilverwerking voor Affligem naar beneden halen!”

t’ Kint maakte hierover tijdens de vorige gemeenteraad al een opmerking en merkte dat de meerderheid wel oren had naar zijn argumentatie. Hij beloofde daarop om volgende gemeenteraad zelf een voorstel in te dienen om het reglement zodanig aan te passen dat je ook het grof of groot huisvuil zou kunnen betalen met de huisvuilstickers. Wordt vervolgd in april!
 

14/03/2008 - Laatste Franse "poilu" overleden.

Op 12 maart stierf de Frans/Italiaanse Lazare Ponticelli, net 110 jaar oud. Lazare was de laatste overgebleven Franse oudstrijder van WO1. Het levensverhaal van Lazare, geboren in een Italiaans bergdorpje bij Piacenza, leest als een roman. Zijn vader stierf jong waarna zijn moeder met zijn broers van miserie emigreerde naar Frankrijk. Ze lieten de kleine Lazare achter bij een tante, omdat ze zijn reis niet konden betalen. Zo werd hij schaapherder op zijn zevende.

Hij spaarde, door vogels te verkopen en schoenen te snijden. Twee jaar later trok hij te voet via de spoorlijn naar de grens. Eens daarover wipte hij op een trein, die hem naar de Gare de Lyon in Parijs bracht. Hij kon niet lezen of schrijven, en sprak geen woord Frans.

Het duurde twee jaar voor hij zijn familie vond, maar hij overleefde met karweitjes, vond werk als hulpje bij een steenkoolleverancier, en begon op zijn zestiende een eigen zaak als schoorsteenveger. Daar groeide later een bedrijf uit dat tegenwoordig nog steeds bestaat en zo'n 2.000 man tewerkstelt.

Ponticelli meldde zich in de zomer van 1914, om te strijden voor zijn nieuw vaderland en kwam terecht aan de Chemin des Dames, één van de meest gruwelijke plaatsen aan het front. Op een nacht in 1915, toen hij het kermen van de gewonden niet meer kon horen, bracht hij vanuit de vuurlinie een gewonde Duitser naar de Duitse loopgraven terug en een gewonde Fransman naar de zijne.

Omdat hij in feite een Italiaan was, stuurden de Fransen hem eind 1915 tegen zijn zin op de trein naar Italië, waar hij opnieuw soldaat werd, deze keer in Italiaans uniform. Aan het front in Zuid-Tirol onderscheidde hij zich in gevechtssituaties, liep hij een paar zware verwondingen op, maar nam hij evengoed deel aan de occasionele verbroederingen met de Oostenrijkse vijand.

Na de oorlog keerde hij terug naar zijn thuis in Frankrijk en werd in 1939 Fransman. Hij woonde tot aan zijn dood in Kremlin-Bicêtre, een voorstad van Parijs, vlakbij de Porte d'Italie. Hij heeft zijn Légion d'Honneur en is tot 2006 naar de ceremonies van 11 november gegaan. 'Omdat we aan de vooravond van elk offensief telkens afspraken: als ik sterf, ga jij me toch herdenken.'

Twee jaar geleden ontvouwde president Jacques Chirac een plan om de laatste poilu van 1918 met een staatsceremonie in het Panthéon te begraven. Louis de Cazenave, de voorlaatste, liet toen beleefd weten 'dat er te veel gestorven zijn zonder zelfs maar een houten kruis.' Lazare dacht er net zo over en weigerde ook.

Pas begin 2088, toen hij effectief de laatste poilu geworden was, stemde hij in met een staatsbegrafenis. Hij eiste wel dat er tegelijk ook voor een laatste mis in de Dome des Invalides zou gezorgd worden, ter nagedachtenis van al zijn gesneuvelde kameraden en wilde niét in het Pantheon begraven worden maar wel temidden van zijn familie.

Er zijn nu nog slechts 13 veteranen uit de Eerste Wereldoorlog in leven : 5 Britten, 2 Italianen, 1 Turk, 1 Oostenrijker, 1 Amerikaan, 1 Canadees, 1 Australiër en 1 Rus. De laatste Duitse veteraan, Erich Kästner, overleed op 1 januari 2008.